UC-GEN-TIC-009 — Melding openen als beheerder
1. Kerngegevens
| Veld | Waarde |
|---|---|
| Usecase-ID | UC-GEN-TIC-009 |
| Naam | Melding openen als beheerder |
| Domein | Meldingen |
| Primaire actor | Beheerder |
| Secundaire actor(en) | Systeem, meldingenservice, autorisatieservice, database |
| Rolcontext | Ingelogde gebruiker met actieve beheerdercontext |
| Betrokken schermen | SCH-BEH-02-01 — Meldingen overzicht |
| Gerelateerde usecases | UC-GEN-TIC-008 — Beheerdersoverzicht meldingen bekijken; UC-GEN-TIC-010 — Beheerder koppelen of ontkoppelen; UC-GEN-TIC-011 — Extern bericht plaatsen; UC-GEN-TIC-012 — Intern bericht plaatsen; UC-GEN-TIC-013 — Melding oplossen of sluiten; UC-GEN-TIC-014 — Melding heropenen door beheerder; UC-GEN-TIC-015 — Melding doorzetten naar docent; UC-GEN-MSG-003 — Bericht openen |
| Primaire entiteiten | Tickets, TicketStatuses, TicketCategories, TicketAssignments, beheerderdetail-readmodel |
| Secundaire entiteiten / events | Users, TicketDiscussionMessages, TicketClosures, TicketResolutionTypes, TicketReopenRequests, TicketForwardedToTeacher, TicketTechnicalSnapshots, TicketHistory, SystemMessages, TicketAdminDetailLoaded, TicketAdminDetailLoadFailed |
| Gerelateerde popups | POP-GEN-TIC-NOT-AVAILABLE |
| Popupregister | Ontwerpbronnen — Popup-register |
| MoSCoW | Must have |
2. Omschrijving
De beheerder opent een specifieke melding vanuit het beheerdersoverzicht. Het systeem toont de beheerderdetailweergave van de geselecteerde melding met beheerrelevante secties zoals Kerngegevens, Melding, Discussie, Oplossing, Doorzetten naar docent, Geavanceerd en Geschiedenis.
Deze usecase beschrijft het veilig openen en raadplegen van de volledige beheercontext van één melding. De beheerder mag alle meldingen openen, maar de toegang wordt alsnog server-side gecontroleerd op sessie, featurestatus en actieve beheerdercontext. De detailweergave toont meer informatie dan de gebruikersdetailweergave, waaronder interne discussie, actieve beheerderkoppelingen, technische snapshots, sluitregistraties, heropenacties, doorzetinformatie en compacte auditgeschiedenis.
Alle inhoudelijke vervolgacties blijven buiten deze usecase. Het koppelen of ontkoppelen van beheerders, het plaatsen van externe of interne berichten, het oplossen of sluiten van een melding, het handmatig heropenen door beheer en het doorzetten naar een docent worden in aparte beheerusecases beschreven. Alleen openen, tabblad wisselen of gegevens raadplegen veroorzaakt geen ticketmutatie en geen functionele TicketHistory-regel.
3. Scope
Deze usecase beschrijft:
- het openen van een geselecteerde melding vanuit het beheerdersoverzicht;
- het openen van een melding via een beheerroute met ticketreferentie;
- het server-side controleren van sessie, featurestatus en actieve beheerdercontext;
- het opnieuw ophalen van de actuele ticketgegevens bij openen;
- het tonen van de beheerderdetailweergave voor één melding;
- het tonen van kerngegevens, oorspronkelijke melding, interne en externe discussie, oplossing/sluitinformatie, doorzetinformatie, technische metadata en geschiedenis;
- het tonen van actieve beheerderkoppelingen;
- het zichtbaar maken van mogelijke vervolgacties zonder deze acties in deze usecase uit te voeren;
- het veilig afhandelen van ontbrekende, verwijderde, niet beschikbare of niet laadbare meldingen;
- het expliciet vastleggen dat alleen bekijken geen ticketstatus, assignment, discussie, sluiting, heropenverzoek of history wijzigt.
Deze usecase beschrijft niet:
- het indienen van een melding door een gebruiker;
- het gebruikersoverzicht Mijn meldingen;
- het openen van een melding als eindgebruiker;
- het zoeken en filteren in het beheerdersoverzicht;
- het koppelen of ontkoppelen van beheerders;
- het plaatsen van interne of externe discussieberichten;
- het wijzigen van ticketstatussen;
- het oplossen, sluiten of handmatig heropenen van meldingen;
- het doorzetten van een melding naar een docent;
- het wijzigen van technische metadata;
- het zoeken binnen
TicketHistory; - beheer van popupteksten, systeemberichtsjablonen of seeddata.
4. Pre-condities
| ID | Voorwaarde |
|---|---|
| PRE-001 | De gebruiker is ingelogd. |
| PRE-002 | De gebruiker heeft een actieve beheerdercontext. |
| PRE-003 | De meldingenfunctionaliteit is sitebreed beschikbaar. |
| PRE-004 | De beheerder heeft autorisatie om meldingen in beheercontext te openen. |
| PRE-005 | Er is een concrete ticketreferentie beschikbaar vanuit de geselecteerde meldingskaart of beheerroute. |
| PRE-006 | De applicatie kan Tickets, TicketStatuses, TicketCategories, TicketAssignments, TicketDiscussionMessages, TicketClosures, TicketTechnicalSnapshots en TicketHistory uitlezen. |
| PRE-007 | De beheerderdetailweergave binnen SCH-BEH-02-01 is beschikbaar. |
5. Post-condities
| ID | Resultaat |
|---|---|
| POST-001 | De beheerder ziet de detailweergave van de geselecteerde melding. |
| POST-002 | De beheerder ziet kerngegevens zoals meldingsnummer, melder, rolcontext, categorie, actuele status, afsluitstatus indien beschikbaar en actieve gekoppelde beheerders. |
| POST-003 | De beheerder ziet de oorspronkelijke melding met onderwerp en volledige beschrijving. |
| POST-004 | De beheerder ziet interne en externe discussieberichten binnen de beheercontext. |
| POST-005 | De beheerder ziet oplossings- en sluitinformatie wanneer die beschikbaar is. |
| POST-006 | De beheerder ziet doorzetinformatie wanneer de melding eerder naar een docent is doorgezet. |
| POST-007 | De beheerder ziet technische metadata uit de momentopname van het moment van melden. |
| POST-008 | De beheerder ziet compacte auditinformatie in de sectie Geschiedenis. |
| POST-009 | De beheerder kan vanuit de detailweergave vervolgacties starten waarvoor de actuele tickettoestand en autorisatie dat toestaan. |
| POST-010 | Alleen openen, lezen, tabblad wisselen of herladen wijzigt geen Tickets-record. |
| POST-011 | Alleen openen, lezen, tabblad wisselen of herladen maakt geen TicketAssignments-record aan en wijzigt geen bestaande assignment. |
| POST-012 | Alleen openen, lezen, tabblad wisselen of herladen maakt geen TicketDiscussionMessages-record aan. |
| POST-013 | Alleen openen, lezen, tabblad wisselen of herladen maakt geen TicketClosures-record aan. |
| POST-014 | Alleen openen, lezen, tabblad wisselen of herladen maakt geen TicketReopenRequests-record aan. |
| POST-015 | Alleen openen, lezen, tabblad wisselen of herladen maakt geen functionele TicketHistory-regel aan. |
| POST-016 | Bij ontbrekende beheerautorisatie wordt geen meldingdetailinformatie getoond. |
| POST-017 | Bij ontbrekende of niet beschikbare melding blijven ticketdata en ticketstatussen ongewijzigd. |
6. Trigger
De beheerder selecteert in het beheerdersoverzicht een melding of opent een beheerroute die naar een specifieke melding verwijst.
7. Normale processtroom
| Stap | Actor | Scherm / component | Actie | Systeemrespons | Data / regel |
|---|---|---|---|---|---|
| 1 | Beheerder | SCH-BEH-02-01 — Overzichtslijst | Selecteert een melding. | Het systeem start de beheerderdetailcontext voor de geselecteerde ticketreferentie. | De ticketreferentie is navigatiecontext en geen autorisatiebewijs. |
| 2 | Systeem | Autorisatielaag | Controleert sessie, featurestatus en actieve beheerdercontext. | De detailopvraag gaat alleen verder wanneer de actor beheerder is. | Server-side autorisatie is verplicht; frontend-zichtbaarheid is geen beveiligingslaag. |
| 3 | Systeem | Meldingenservice | Valideert de ticketreferentie. | Het systeem weigert lege, ongeldig gevormde of niet bestaande referenties. | Ongeldige referenties leveren geen ticketdata op. |
| 4 | Systeem | Database / querylaag | Haalt de actuele Tickets-gegevens op. | Het systeem bepaalt actuele status, categorie, melder en laatste wijzigingscontext. | De detailweergave gebruikt actuele data, niet uitsluitend data uit de eerder geladen kaart. |
| 5 | Systeem | Database / querylaag | Haalt actieve TicketAssignments op. | Het systeem toont eventuele actieve gekoppelde beheerders. | Inactieve of historische assignments worden alleen via geschiedenis of relevante auditcontext getoond. |
| 6 | Systeem | Database / querylaag | Haalt TicketDiscussionMessages op. | Het systeem toont interne en externe discussie in beheercontext. | Interne berichten zijn alleen zichtbaar voor beheerders; externe berichten zijn ook gebruikersgericht zichtbaar. |
| 7 | Systeem | Database / querylaag | Haalt sluitingen, oplossing en heropenverzoeken op. | Het systeem toont oplossings-, sluit- en heropencontext waar aanwezig. | Opgelost blijft een afgeleide gebruikersstatus; beheer ziet de onderliggende sluitregistraties. |
| 8 | Systeem | Database / querylaag | Haalt technische snapshotinformatie op. | Het systeem toont de sectie Geavanceerd. | Snapshotwaarden worden niet live herberekend maar tonen de context van het meldmoment. |
| 9 | Systeem | Database / querylaag | Haalt compacte auditinformatie op. | Het systeem toont de sectie Geschiedenis. | Geschiedenis is een compacte auditlaag en geen vrije discussietijdlijn. |
| 10 | Systeem | Backend / readmodel | Bouwt het beheerderdetail-readmodel. | Het systeem combineert de gegevens in beheerrelevante secties. | Beheerderdetail bevat meer gegevens dan gebruikersdetail. |
| 11 | Systeem | SCH-BEH-02-01 — Detailpaneel | Toont de beheerderdetailweergave. | De beheerder ziet kerngegevens, melding, discussie, oplossing, doorzetten naar docent, geavanceerd en geschiedenis. | De zichtbare labels en concrete layout blijven schermdocumentatie; de usecase borgt inhoud en proces. |
| 12 | Systeem | Detailpaneel / actiegebied | Bepaalt beschikbare vervolgacties. | Alleen toestand- en autorisatiegeldige beheeracties worden beschikbaar gemaakt. | Vervolgacties verwijzen naar UC-GEN-TIC-010 t/m UC-GEN-TIC-015. |
| 13 | Beheerder | Detailpaneel | Wisselt tussen secties of tabbladen. | Het systeem toont de gekozen beheerinformatie zonder mutatie. | Alleen raadplegen wijzigt geen ticketrecords. |
| 14 | Systeem | Audit / history | Verwerkt geen functionele mutatie. | Er wordt geen ticketstatus, discussie, assignment, sluiting, heropenverzoek of functionele history gewijzigd door alleen openen. | Functionele TicketHistory registreert inhoudelijke acties, niet normale raadpleging. |
8. Alternatieve en exceptionele processtromen
| ID | Vanaf stap | Situatie | Systeemgedrag | Popup / melding | Datamutatie |
|---|---|---|---|---|---|
| ALT-001 | 2 | De gebruiker is niet ingelogd of de sessie is verlopen. | Het systeem start de generieke login- of sessieflow en toont geen ticketdata. | Generieke login-/sessieafhandeling buiten dit domein. | Geen. |
| ALT-002 | 2 | De gebruiker heeft geen actieve beheerdercontext. | Het systeem weigert de beheerderdetailroute. | Generieke toegang-geweigerd-afhandeling. | Geen. |
| ALT-003 | 2 | De meldingenfunctionaliteit is sitebreed uitgeschakeld. | Het systeem toont geen beheerderdetailinformatie. | Generieke feature-niet-beschikbaarafhandeling. | Geen. |
| ALT-004 | 3 | De ticketreferentie is leeg, ongeldig of niet veilig te verwerken. | Het systeem breekt de detailopvraag af. | POP-GEN-TIC-NOT-AVAILABLE of generieke veilige foutmelding. | Geen. |
| ALT-005 | 4 | De melding bestaat niet of is niet meer beschikbaar. | Het systeem toont geen detailgegevens en laat de beheerder veilig terugkeren naar het overzicht. | POP-GEN-TIC-NOT-AVAILABLE. | Geen. |
| ALT-006 | 4 | De melding is gewijzigd sinds de overzichtslijst werd geladen. | Het systeem toont de actuele detaildata. | Geen popup, tenzij het object niet meer beschikbaar is. | Geen door openen; actuele gegevens worden alleen gelezen. |
| ALT-007 | 5 | Er zijn geen actieve beheerderkoppelingen. | De sectie Kerngegevens toont dat er geen actieve gekoppelde beheerder is. | Geen. | Geen. |
| ALT-008 | 6 | Er zijn nog geen discussieberichten. | De sectie Discussie toont een lege staat of alleen systeem-/contextinformatie. | Geen. | Geen. |
| ALT-009 | 7 | Er is nog geen oplossing of sluitregistratie. | De sectie Oplossing toont de actuele behandelingstoestand of lege oplossingscontext. | Geen. | Geen. |
| ALT-010 | 8 | Technische snapshot ontbreekt of is onvolledig. | De sectie Geavanceerd toont alleen beschikbare snapshotwaarden en markeert ontbrekende waarden niet als actuele live-data. | Geen domeinspecifieke popup. | Geen. |
| ALT-011 | 9 | Er is nog geen relevante history behalve aanmaak. | De sectie Geschiedenis toont minimaal de beschikbare auditregels of een beheergerichte lege staat. | Geen. | Geen. |
| ALT-012 | 10 | Een deel van de detaildata kan technisch niet geladen worden. | Het systeem toont geen onvolledige misleidende beheercontext of markeert de sectie veilig als niet geladen. | Veilige foutmelding; bij volledige blokkade POP-GEN-TIC-NOT-AVAILABLE of generieke foutafhandeling. | Geen. |
| ALT-013 | 12 | De actuele tickettoestand staat een vervolgactie niet toe. | Het systeem verbergt of blokkeert de betreffende actie. | De popup hoort bij de vervolgusecase waarin de actie wordt uitgevoerd. | Geen binnen deze usecase. |
| ALT-014 | 13 | De beheerder herlaadt de detailweergave. | Het systeem voert dezelfde autorisatie- en detailopvraag opnieuw uit. | Geen bij succes. | Geen. |
9. Business rules
| ID | Regel |
|---|---|
| BR-001 | Alleen gebruikers met actieve beheerdercontext mogen de beheerderdetailweergave van meldingen openen. |
| BR-002 | Iedere detailopvraag moet server-side opnieuw worden geautoriseerd; selectie in de frontend is geen autorisatiebewijs. |
| BR-003 | Een beheerder mag alle meldingen openen, ongeacht melder, categorie, status of toegewezen beheerder. |
| BR-004 | De beheerderdetailweergave toont beheerinformatie die niet zichtbaar is in de gebruikersdetailweergave. |
| BR-005 | Interne discussieberichten zijn zichtbaar voor beheerders en blijven verborgen voor eindgebruikers. |
| BR-006 | Externe discussieberichten zijn zichtbaar voor beheerder en melder. |
| BR-007 | Technische metadata in Geavanceerd is een snapshot van het meldmoment en wordt niet achteraf live herberekend. |
| BR-008 | Geschiedenis is een compacte auditlaag en mag niet worden gebruikt als vrije discussie- of communicatielijst. |
| BR-009 | Alleen openen, lezen, herladen of wisselen van sectie mag geen ticketstatus, assignment, discussie, sluiting, heropenverzoek of functionele history wijzigen. |
| BR-010 | Beschikbare vervolgacties moeten worden bepaald op basis van actuele tickettoestand, actieve beheerdercontext en geldende autorisatie. |
| BR-011 | Een ontbrekende of niet beschikbare melding mag geen interne technische details of gegevens van andere meldingen lekken. |
| BR-012 | De beheerderdetailweergave mag doorklikken of acties tonen naar andere beheerusecases, maar mag hun mutaties niet impliciet uitvoeren. |
| BR-013 | Actuele detaildata heeft voorrang op eerder getoonde overzichtskaartdata. |
10. Datavalidatie
| Veld / object | Validatie |
|---|---|
TicketId / ticketreferentie | Verplicht, geldig formaat en bestaand Tickets-record. |
| Actieve gebruiker | Moet ingelogd zijn en een actieve beheerdercontext hebben. |
| Featurestatus | Meldingenfunctionaliteit moet beschikbaar zijn. |
Tickets.Status | Moet worden herleid naar een bekende backendstatus, zoals New, InProgress, WaitingForUser of Closed. |
TicketCategoryId | Moet verwijzen naar een geldige meldingcategorie of veilig als ontbrekend/onbekend worden behandeld wanneer historische data incompleet is. |
CreatedByUserId | Moet herleidbaar zijn voor beheercontext; geanonimiseerde gebruikers worden volgens het account- en privacybeleid getoond. |
TicketAssignments | Alleen actieve assignmentrecords tellen als actuele gekoppelde beheerders. |
TicketDiscussionMessages.Visibility | Moet onderscheid maken tussen Internal en External; beheerder mag beide zien. |
TicketTechnicalSnapshots | Snapshotvelden worden alleen getoond als historische meldcontext en niet gebruikt als actuele live-afleiding. |
TicketHistory | Alleen compacte auditregels worden getoond; vrije tekst hoort in discussie, oplossing of toelichtingsvelden. |
| Sectie- of tabkeuze | Alleen bekende beheerdersecties mogen worden geopend. Ongeldige sectiekeuzes vallen terug op de standaard detailweergave. |
11. Datamutaties en events
| Stap | Type | Entiteit / event | Mutatie |
|---|---|---|---|
| 1-14 | Read | Tickets | Actuele melding wordt gelezen; geen wijziging. |
| 5 | Read | TicketAssignments | Actieve beheerderkoppelingen worden gelezen; geen wijziging. |
| 6 | Read | TicketDiscussionMessages | Interne en externe berichten worden gelezen; geen wijziging. |
| 7 | Read | TicketClosures, TicketResolutionTypes, TicketReopenRequests | Oplossings-, sluit- en heropencontext wordt gelezen; geen wijziging. |
| 8 | Read | TicketTechnicalSnapshots | Technische snapshot wordt gelezen; geen wijziging. |
| 9 | Read | TicketHistory | Compacte auditregels worden gelezen; geen wijziging. |
| 10 | Readmodel | Beheerderdetail-readmodel | Afgeleid voor weergave; geen persistente mutatie. |
Deze usecase registreert geen domeinevent en schrijft geen TicketHistory-regel. Technische raadpleeglogging blijft buiten de functionele meldinggeschiedenis en mag geen ticketstatus, assignment, discussie, sluiting of heropenrecord wijzigen.
12. Geen datamutaties
| Entiteit | Reden |
|---|---|
Tickets | Alleen openen of lezen mag status, metadata, laatste activiteit of behandelfase niet wijzigen. |
TicketAssignments | Beheerder openen koppelt of ontkoppelt geen beheerder. |
TicketDiscussionMessages | Raadplegen maakt geen intern of extern bericht aan. |
TicketClosures | Raadplegen maakt geen sluiting of oplossing aan en wijzigt geen bestaande sluiting. |
TicketReopenRequests | Raadplegen maakt geen heropenverzoek aan. |
TicketForwardedToTeacher | Raadplegen zet geen melding door naar docent. |
SystemMessages | Raadplegen van de beheerderdetailweergave stuurt geen systeembericht. |
PrivateMessageThreads / PrivateMessages | Raadplegen maakt geen privébericht aan, ook niet wanneer de doorzetsectie zichtbaar is. |
TicketHistory | Normaal openen en lezen is geen functionele historyactie. |
13. State diagram — beheerderdetailweergave
14. Decision flow
15. Data lifecycle diagram
Deze usecase maakt geen nieuwe domeinrecords aan. Het diagram toont hoe bestaande ticketgegevens worden samengebracht in een beheerderdetail-readmodel.
16. Sequence diagrammen
16.1 Melding openen vanuit beheerdersoverzicht
16.2 Melding niet beschikbaar
16.3 Vervolgactie vanuit detailweergave
17. Popupverwijzingen
| PopupKey | Moment | Variant | Doel |
|---|---|---|---|
POP-GEN-TIC-NOT-AVAILABLE | Wanneer de gevraagde melding ontbreekt, niet meer beschikbaar is, ongeldig wordt aangeroepen of niet veilig als detailcontext getoond kan worden. | InfoOnly | Veilig terugkoppelen dat de melding niet geopend kan worden zonder interne details of gegevens van andere meldingen te lekken. |
18. Afleiding naar Functioneel Ontwerp / Technisch Ontwerp / Software Requirements Specification
| Doeldocument | Afleiding |
|---|---|
| Functioneel Ontwerp | Beschrijft de beheerderdetailweergave binnen het meldingenoverzicht met minimaal de secties Kerngegevens, Melding, Discussie, Oplossing, Doorzetten naar docent, Geavanceerd en Geschiedenis. |
| Functioneel Ontwerp | Beschrijft dat iedere beheerder alle meldingen mag openen en dat de beheerderdetailweergave meer informatie toont dan de gebruikersdetailweergave. |
| Functioneel Ontwerp | Beschrijft dat alleen bekijken, herladen of secties wisselen geen inhoudelijke ticketactie is. |
| Functioneel Ontwerp | Beschrijft dat vervolgacties zichtbaar of beschikbaar worden gemaakt vanuit de detailweergave, maar functioneel onder aparte usecases vallen. |
| Technisch Ontwerp | Technisch Ontwerp: meldingen, tickets en beheerafhandeling, communicatie, background jobs en logging en foutafhandeling beschrijven de technische uitwerking. Beschrijft het beheerderdetail-readmodel uit als afgeleide van Tickets, status/categorie, assignments, discussie, sluitingen, heropenverzoeken, doorzetinformatie, technische snapshots en history. |
| Technisch Ontwerp | Technisch Ontwerp: meldingen, tickets en beheerafhandeling, communicatie, background jobs en logging en foutafhandeling beschrijven de technische uitwerking. Beschrijft server-side controle op actieve beheerdercontext bij iedere detailopvraag. |
| Technisch Ontwerp | Technisch Ontwerp: meldingen, tickets en beheerafhandeling, communicatie, background jobs en logging en foutafhandeling beschrijven de technische uitwerking. Beschrijft dat actuele detaildata opnieuw uit de backend wordt opgehaald en niet uitsluitend uit de reeds geladen overzichtskaart wordt overgenomen. |
| Technisch Ontwerp | Technisch Ontwerp: meldingen, tickets en beheerafhandeling, communicatie, background jobs en logging en foutafhandeling beschrijven de technische uitwerking. Beschrijft dat technische snapshotwaarden historische momentopnamen zijn en niet live worden herberekend. |
| Technisch Ontwerp | Technisch Ontwerp: meldingen, tickets en beheerafhandeling, communicatie, background jobs en logging en foutafhandeling beschrijven de technische uitwerking. Leg veilige foutafhandeling vast voor ontbrekende, niet beschikbare of gedeeltelijk niet laadbare detaildata. |
| Software Requirements Specification | Beschrijft requirements voor beheerderbrede detailinzage, secties, interne/externe discussie, technische snapshot, history, objectveiligheid, geen mutatie bij lezen en toestandafhankelijke vervolgacties. |
| Database-informatie | Beschrijft of de bestaande ticket-, assignment-, discussie-, closure-, reopen-, forwarded-, snapshot- en historytabellen de beheerderdetailweergave volledig ondersteunen. |
| Popupregister | Hergebruik of voeg POP-GEN-TIC-NOT-AVAILABLE toe als veilige foutmelding voor niet-beschikbare meldingen. |
| Ontwerpbronnen | Beschrijven business rules, autorisatieregel, schermmatrix, popupmatrix en requirementmatrix voor UC-GEN-TIC-009. |
19. SRS-trace
Deze usecase bevat geen normatieve requirementtekst. De centrale eis en acceptatiecriteria staan in de SRS; onderstaande tabel koppelt de usecase-afleiding alleen aan centrale SRS-*- en AC-*-items.
| Usecase-afleiding | Dekt | Usecasecontext |
|---|---|---|
REQ-UC-GEN-TIC-009-001 | SRS-AUTH-004 SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-AUTH-004 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | Een beheerderdetailweergave kunnen tonen voor één geselecteerde melding |
REQ-UC-GEN-TIC-009-002 | SRS-AUTH-001 SRS-TIC-003 SRS-ADM-002 SRS-ADM-001 AC-AUTH-001 AC-TIC-003 AC-ADM-002 AC-ADM-001 | Bij iedere beheerderdetailopvraag server-side controleren dat de gebruiker is ingelogd |
REQ-UC-GEN-TIC-009-003 | SRS-AUTH-001 SRS-TIC-003 SRS-ADM-002 SRS-ADM-001 AC-AUTH-001 AC-TIC-003 AC-ADM-002 AC-ADM-001 | Bij iedere beheerderdetailopvraag server-side controleren dat de gebruiker een actieve beheerdercontext heeft |
REQ-UC-GEN-TIC-009-004 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave niet tonen aan gebruikers zonder beheerdercontext |
REQ-UC-GEN-TIC-009-005 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | Een melding opnieuw actueel uit de backend ophalen wanneer een beheerder deze opent |
REQ-UC-GEN-TIC-009-006 | SRS-TIC-002 SRS-NFR-SEC-001 AC-TIC-002 AC-NFR-SEC-001 | Ongeldige, ontbrekende of niet bestaande ticketreferenties veilig afhandelen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-007 | SRS-AUTH-001 SRS-TIC-003 SRS-CAT-001 SRS-ADM-002 SRS-ADM-001 AC-AUTH-001 AC-TIC-003 AC-CAT-001 AC-ADM-002 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet kerngegevens tonen, waaronder meldingsnummer, melder, rolcontext, categorie, actuele status en actieve beheerderkoppelingen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-008 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet de oorspronkelijke melding met onderwerp en volledige beschrijving tonen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-009 | SRS-MSG-001 SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-MSG-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet interne en externe discussieberichten kunnen tonen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-010 | SRS-MSG-001 SRS-TIC-006 SRS-ADM-001 AC-MSG-001 AC-TIC-006 AC-ADM-001 | Interne discussieberichten alleen in beheercontext tonen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-011 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet oplossings- en sluitinformatie tonen wanneer beschikbaar |
REQ-UC-GEN-TIC-009-012 | SRS-RDM-001 SRS-RDM-004 SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-RDM-001 AC-RDM-004 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet heropenverzoeken en eerdere sluitcontext kunnen tonen wanneer beschikbaar |
REQ-UC-GEN-TIC-009-013 | SRS-TIC-003 SRS-TCH-001 SRS-ADM-001 AC-TIC-003 AC-TCH-001 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet doorzetinformatie naar docent kunnen tonen wanneer beschikbaar |
REQ-UC-GEN-TIC-009-014 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet technische metadata uit de momentopname van het meldmoment tonen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-015 | SRS-TIC-002 SRS-LIVE-001 AC-TIC-002 AC-LIVE-001 | Technische snapshotwaarden niet als actuele live-afleiding presenteren |
REQ-UC-GEN-TIC-009-016 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 SRS-NFR-AUD-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 AC-NFR-AUD-001 | De beheerderdetailweergave moet compacte auditinformatie tonen in de sectie Geschiedenis |
REQ-UC-GEN-TIC-009-017 | SRS-TIC-006 SRS-NFR-AUD-001 AC-TIC-006 AC-NFR-AUD-001 | Onderscheid maken tussen discussie-inhoud en compacte history/auditinformatie |
REQ-UC-GEN-TIC-009-018 | SRS-AUTH-001 SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 AC-AUTH-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 | De beheerderdetailweergave moet alleen vervolgacties beschikbaar maken die passen bij actuele tickettoestand en beheerderautorisatie |
REQ-UC-GEN-TIC-009-019 | SRS-TIC-002 SRS-ADM-001 AC-TIC-002 AC-ADM-001 | Vervolgacties vanuit de detailweergave routeren naar de bijbehorende beheerusecases |
REQ-UC-GEN-TIC-009-020 | SRS-TIC-002 AC-TIC-002 | Alleen openen, lezen, herladen of wisselen van sectie mag geen ticketstatus wijzigen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-021 | SRS-TIC-001 SRS-ADM-001 AC-TIC-001 AC-ADM-001 | Alleen openen, lezen, herladen of wisselen van sectie mag geen beheerderassignment aanmaken of wijzigen |
REQ-UC-GEN-TIC-009-022 | SRS-MSG-007 SRS-TIC-001 AC-MSG-007 AC-TIC-001 | Alleen openen, lezen, herladen of wisselen van sectie mag geen discussie-, sluit-, heropen-, doorzet- of privéberichtrecord aanmaken |
REQ-UC-GEN-TIC-009-023 | SRS-TIC-001 SRS-NFR-AUD-001 AC-TIC-001 AC-NFR-AUD-001 | Alleen openen, lezen, herladen of wisselen van sectie mag geen functionele TicketHistory-regel aanmaken |
REQ-UC-GEN-TIC-009-024 | SRS-TIC-002 SRS-SHR-001 SRS-NFR-SEC-001 AC-TIC-002 AC-SHR-001 AC-NFR-SEC-001 | Ontbrekende of gedeeltelijk niet laadbare detaildata veilig afhandelen zonder technische details te lekken |
REQ-UC-GEN-TIC-009-025 | SRS-TIC-002 AC-TIC-002 | Bij race conditions de actuele tickettoestand gebruiken voor de detailweergave en voor het bepalen van vervolgacties |
REQ-UC-GEN-TIC-009-026 | SRS-TIC-003 SRS-ADM-001 SRS-NFR-SEC-001 AC-TIC-003 AC-ADM-001 AC-NFR-SEC-001 | Een veilige niet-beschikbaarmelding tonen wanneer de melding niet als beheerderdetail kan worden geopend |