Beheerder — Docentondersteuning
Dit subdomein beschrijft hoe een beheerder één specifieke docentcontext kan inzien, analyseren en gericht ondersteunen. De pagina Docent ondersteuning is een zelfstandige beheerpagina binnen Content en is bedoeld voor support op docentniveaus, categoriegebruik, concrete oefeningen, leerlingtoegang, collaborators, eigenaarschap en relevante geschiedenis.
Docentondersteuning is supportgericht. De beheerder gebruikt deze pagina om bestaande docentstructuren te reconstrueren, veilige correcties uit te voeren en gevolgen van wijzigingen te beoordelen. De pagina vervangt de reguliere docentflows niet en is geen vrije beheerlaag waarmee centrale categorieën, technische modules, accountrollen of oefenresultaten worden beheerd.
Usecases
| Usecase | Naam | Omschrijving |
|---|---|---|
| UC-BEH-DOCSUP-001 | Docentenoverzicht bekijken | Toont docenten en supportrelevante aantallen als selectiestap voor één docentcontext. |
| UC-BEH-DOCSUP-002 | Docentondersteuning openen | Opent na selectie van één docent de detail- en ondersteuningsweergave. |
| UC-BEH-DOCSUP-003 | Docentstructuur inspecteren | Toont de hiërarchie niveau → categorie → oefening binnen de gekozen docentcontext. |
| UC-BEH-DOCSUP-004 | Niveau-detail binnen docentcontext bekijken | Toont read-only niveaugegevens, eigenaar, toegang en samenwerkingssamenvatting. |
| UC-BEH-DOCSUP-005 | Categorie-detail binnen docentcontext bekijken | Toont categoriegebruik binnen één docentniveau zonder centrale categorie-identiteit te wijzigen. |
| UC-BEH-DOCSUP-006 | Oefening-detail binnen docentcontext bekijken | Toont concrete oefeningmetadata en modulekoppeling binnen de docentcontext. |
| UC-BEH-DOCSUP-007 | Concrete oefeningconfiguratie openen | Toont de volledige configuratiepayload en modulegerichte rendering voor supportanalyse. |
| UC-BEH-DOCSUP-008 | Leerling aan niveau toevoegen | Corrigeert leerlingtoegang tot een niveau binnen de docentcontext zonder een relatie aan te maken. |
| UC-BEH-DOCSUP-009 | Leerling van niveau ontkoppelen | Trekt niveauautorisatie supportgericht in met audit en behoud van historische resultaten. |
| UC-BEH-DOCSUP-010 | Collaborator aan niveau toevoegen | Koppelt een bestaande geldige docent als collaborator aan een niveau. |
| UC-BEH-DOCSUP-011 | Collaborator van niveau ontkoppelen | Deactiveert een collaborator-koppeling zonder docent-docentrelatie of historie te verwijderen. |
| UC-BEH-DOCSUP-012 | Docent-docenttoegang forceren | Maakt of heractiveert bij uitzondering een docent-docentcontext voor support. |
| UC-BEH-DOCSUP-013 | Eigenaarschap overdragen als beheerder | Draagt niveau-eigenaarschap over aan een bestaande actieve collaborator met verplichte reden. |
| UC-BEH-DOCSUP-014 | Docentcontextgeschiedenis bekijken | Toont supportrelevante historie over structuur, toegang, collaborators en eigenaarschap. |
Relevante schermdocumentatie
| Scherm | Relevantie |
|---|---|
| Beheerder — Content > Docent ondersteuning | Hoofdingang voor docentselectie, structuurinspectie, supportacties en geschiedenis. |
| Beheerder — Content > Categorieën beheren | Bronhoudend voor centrale categorie-identiteit, statuswijzigingen en migraties. |
| Beheerder — Content > Modules beheren | Bronhoudend voor technische modulemetadata en modulemigraties. |
| Beheerder — Accounts beheren | Bronhoudend voor accountstatus, rollen, niet-publieke rollen en account lifecycle. |
| Docent — Oefenaanbod | Reguliere docentinterface die door docentondersteuning niet wordt vervangen. |
| Docent — Samenwerking en eigenaarschap | Functionele bron voor normale collaborator- en eigenaarschapsflows. |
| Docent — Leerlingen en autorisaties | Functionele bron voor reguliere docent-leerlingautorisaties. |
Domeinafbakening
| Onderdeel | Afbakening |
|---|---|
| Centrale categorie-identiteit | Naam, kleur, icoon, status en migratie van centrale categorieën blijven in Beheerder / Categorieën beheren. |
| Technische modules | Modulemetadata, beschikbaarheid, testzichtbaarheid en modulemigraties blijven in Beheerder / Modules beheren. |
| Accountbeheer | Rollen, accountstatus, niet-publieke rollen, anonimisering en identity-providergrenzen blijven in Beheerder / Accountbeheer. |
| Reguliere docentflows | Docenten beheren hun eigen onderwijsinhoud via het docentdomein; docentondersteuning is alleen support- en correctiegericht. |
| Relatiebeheer | Relaties en uitnodigingen blijven bronhoudend in Generiek / Relaties. Alleen UC-BEH-DOCSUP-012 kan bij uitzondering een docent-docentcontext expliciet forceren. |
| Resultaten en geschiedenis van leerlingen | Historische oefenruns, resultaten, gedeelde oefeningen en PDF-contexten worden niet herschreven door docentondersteuning. |
| Live meekijken | Beheerders mogen geen live meekijksessie starten tijdens actieve leerlingoefeningen. Analyse vindt achteraf plaats via historie en audit. |
Subdomeinregels
| Regel | Betekenis |
|---|---|
| Eén docentcontext | De beheerder werkt steeds vanuit precies één server-side gevalideerde docentcontext. |
| Read-only tenzij expliciet muterend | Overzicht, structuur, detailpanelen, configuratie-inzage en geschiedenis wijzigen geen domeindata. |
| Supportmutaties zijn expliciet | Leerlingtoegang, collaborators, docent-docentcontext en eigenaarschap wijzigen alleen na bewuste actie, bevestiging en server-side validatie. |
| Auditplicht | Iedere supportmutatie legt minimaal beheerder, tijdstip, objectcontext, actietype en reden vast. |
| Geen clientautoriteit | Routeparameters, verborgen velden en clientstate bepalen nooit docent-, niveau-, categorie-, oefening- of leerlingtoegang. |
| Geen bronverschuiving | Docentondersteuning mag geen centrale bron worden voor categorieën, modules, account lifecycle of reguliere docentprocessen. |
Bijzondere regels
- Collaboratorrechten geven alleen toegang tot onderwijsinhoud binnen het betreffende niveau.
- Collaboratorrechten geven geen leerling-, resultaat-, geschiedenis- of live-meekijktoegang.
- Een leerling aan een niveau toevoegen maakt geen nieuwe docent-leerlingrelatie aan.
- Een leerling van een niveau ontkoppelen verwijdert geen historische runs of resultaten.
- Een collaborator ontkoppelen verwijdert geen docent-docentrelatie.
- Eigendomsoverdracht is alleen toegestaan naar een bestaande actieve collaborator van hetzelfde niveau.
- De vorige eigenaar blijft na overdracht actieve collaborator. Een wijziging van die collaboratorstatus vraagt een afzonderlijke geldige flow.
- Geanonimiseerde accounts worden zonder persoonsgegevens getoond.
- Systeemberichten uit supportmutaties zijn informatief en vormen nooit de bron van autorisatie of rechten.
Diagramgebruik
| Diagramtype | Gebruik binnen dit subdomein |
|---|---|
| State diagram | Alleen bij muterende flows met een relevante status- of lifecyclewijziging, zoals autorisatie, collaboratorstatus, docent-docentcontext of eigenaarschap. |
| Decision flow | Gebruikt om beheerderrol, server-side context, objectvoorwaarden, bevestiging en blokkades te tonen. |
| Data lifecycle diagram | Gebruikt om te tonen welke bestaande records gelezen worden en welke records bij supportmutaties wijzigen. |
| Sequence diagrammen | Gebruikt bij interacties tussen beheerder, frontend, backendservices, database, audit en systeemberichten. |