2. Requirements en acceptatiecriteria
2.1 Concrete module-eisen en SRS-koppeling
Deze tabel bevat bijzondere module-eisen voor de concrete dynamische module Optellen & Aftrekken (simpel). De eisen beschrijven modulespecifieke configuratie, vraaggeneratie, antwoordvalidatie en runtimeweergave binnen het generieke moduleplatform. De centrale dekking staat in het oefenmodule-eisenregister.
| Module-eis | Classificatie | Omschrijving |
|---|---|---|
| REQ-SCH-MOD-01-01 | Moduleplatform-toepassing | De module Optellen & Aftrekken (simpel) moet als technische module via ExerciseModules administratief beschikbaar kunnen worden gemaakt. |
| REQ-SCH-MOD-01-02 | Moduleplatform-toepassing | De generieke applicatie moet de module pas runtime aanspreken via CodeReference en het strategy pattern wanneer beschrijving, configuratie, generatie of vraagweergave nodig is. |
| REQ-SCH-MOD-01-03 | Moduleplatform-toepassing | De docent moet de module kunnen configureren nadat deze vanuit de generieke modulekeuze is geselecteerd. |
| REQ-SCH-MOD-01-04 | Moduleplatform-toepassing | De docentweergave moet zichtbaar maken welke technische module gekozen is. |
| REQ-SCH-MOD-01-05 | Moduleplatform-toepassing | De docent moet generieke oefeninggegevens zoals naam en icoon kunnen vastleggen voor de concrete oefening. |
| REQ-SCH-MOD-01-06 | Concrete module-eis | De module moet kunnen configureren of de oefening optellen, aftrekken of beide bevat. |
| REQ-SCH-MOD-01-07 | Concrete module-eis | De module moet voor optellen getal 1, getal 2 en de uitkomst kunnen configureren. |
| REQ-SCH-MOD-01-08 | Concrete module-eis | De module moet voor aftrekken getal 1, getal 2 en de uitkomst kunnen configureren. |
| REQ-SCH-MOD-01-09 | Concrete module-eis | De module moet per getal kunnen wisselen tussen min/max-bereik en exacte toegestane waarden. |
| REQ-SCH-MOD-01-10 | Concrete module-eis | De module moet niet-actieve invoermodi negeren bij server-side validatie en generatie. |
| REQ-SCH-MOD-01-11 | Concrete module-eis | De module moet configuratief voorkomen dat gegenereerde vragen buiten de opgegeven uitkomstgrenzen vallen. |
| REQ-SCH-MOD-01-12 | Concrete module-eis | De module moet bij aftrekken een waarschuwing kunnen tonen wanneer negatieve uitkomsten mogelijk zijn. |
| REQ-SCH-MOD-01-13 | Concrete module-eis | De module moet een balansconfiguratie tussen optel- en aftreksommen ondersteunen wanneer beide somtypen actief zijn. |
| REQ-SCH-MOD-01-14 | Concrete module-eis | De module moet oefeningbrede instellingen voor standaard, minimum en maximum aantal vragen ondersteunen. |
| REQ-SCH-MOD-01-15 | Concrete module-eis | Het systeem moet het platformmaximum van 100 vragen per run afdwingen. |
| REQ-SCH-MOD-01-16 | Concrete module-eis | De module moet instellingen ondersteunen voor Geen idee en Toon antwoord direct na vraag. |
| REQ-SCH-MOD-01-17 | Moduleplatform-toepassing | De configuratie moet modulespecifiek gevalideerd worden voordat de generieke opslagactie wordt uitgevoerd. |
| REQ-SCH-MOD-01-18 | Moduleplatform-toepassing | De configuratie moet generiek opgeslagen kunnen worden als JSON/base64-configuratiepayload bij de concrete oefening. |
| REQ-SCH-MOD-01-19 | Moduleplatform-toepassing | Een nieuwe oefening moet na opslaan gekoppeld worden aan de huidige niveau-/categoriecontext. |
| REQ-SCH-MOD-01-20 | Moduleplatform-toepassing | Een nieuw opgeslagen oefening moet standaard starten in status In onderhoud. |
| REQ-SCH-MOD-01-21 | Moduleplatform-toepassing | De generieke applicatie mag niet afhankelijk zijn van relationeel uitgesplitste velden voor deze modulespecifieke configuratie. |
| REQ-SCH-MOD-01-22 | Concrete module-eis | De leerlingweergave moet één vraag tegelijk tonen. |
| REQ-SCH-MOD-01-23 | Concrete module-eis | De module moet een som kunnen tonen bestaande uit twee getallen, een operator en een antwoordpositie. |
| REQ-SCH-MOD-01-24 | Concrete module-eis | De leerling moet een numeriek antwoord kunnen invoeren via een antwoordveld. |
| REQ-SCH-MOD-01-25 | Concrete module-eis | De module moet het ingevoerde antwoord kunnen valideren tegen de correcte uitkomst. |
| REQ-SCH-MOD-01-26 | Concrete module-eis | De leerlingweergave moet input-, correct-, fout- en geen-idee-state ondersteunen binnen dezelfde view. |
| REQ-SCH-MOD-01-27 | Concrete module-eis | Bij een correct antwoord moet visuele positieve feedback getoond kunnen worden wanneer directe feedback actief is. |
| REQ-SCH-MOD-01-28 | Concrete module-eis | Bij een fout antwoord moet visuele negatieve feedback getoond kunnen worden wanneer directe feedback actief is. |
| REQ-SCH-MOD-01-29 | Moduleplatform-toepassing | Het systeem moet antwoorden en voortgang server-side opslaan bij verwerking van de huidige vraag. |
| REQ-SCH-MOD-01-30 | Moduleplatform-toepassing | Het systeem moet tekstuele en visuele voortgang tonen op basis van de actuele runvoortgang. |
| REQ-SCH-MOD-01-31 | Moduleplatform-toepassing | Het systeem moet een onderbroken oefening kunnen hervatten zolang de run niet formeel is afgerond en de gebruiker nog toegang heeft. |
| REQ-SCH-MOD-01-32 | Moduleplatform-toepassing | De module moet vraaggeneratie en antwoordvalidatie aanleveren, terwijl de generieke oefenengine opslag, navigatie en runafronding afhandelt. |
| REQ-SCH-MOD-01-33 | Concrete module-eis | Feedbackstates correct en fout moeten als states binnen dezelfde view worden behandeld en niet als losse schermroutes. |
| REQ-SCH-MOD-01-34 | Concrete module-eis | De tiptekst over opslaan en hervatten moet functioneel overeenkomen met het daadwerkelijke server-side opslaggedrag. |
| REQ-SCH-MOD-01-35 | Concrete module-eis | De module moet bestaande runs kunnen renderen op basis van opgeslagen vraagstate zonder afhankelijk te zijn van nieuwe randomgeneratie. |
| REQ-SCH-MOD-01-36 | Moduleplatform-toepassing | Historische runs moeten blijven verwijzen naar de moduleversie en oefenconfiguratie die golden op het moment van genereren. |
| REQ-SCH-MOD-01-37 | Moduleplatform-toepassing | Testuitvoering door docenten moet als testrun herkenbaar blijven en mag niet als reguliere leerlinggeschiedenis worden opgeslagen. |